Vandaag is de campagne van start gegaan met de titel: ‘Hey, het is ok, maak het bespreekbaar’. Doel van de campagne is dat mensen meer over hun angsten gaan spreken.

Want, zo blijkt uit een onderzoek in opdracht van het Ministerie van VWS: “Bijna één op de vijf Nederlanders heeft in zijn leven last van een angst- of paniekstoornis. Ruim de helft van hen vindt het moeilijk om er met vrienden en familie over te praten. Tweederde heeft dit ook bij collega’s.”

In de maatschappij waarin wij leven is weinig ruimte voor angst. Wie heeft er niet als kind te horen gekregen: “Daar hoef je niet bang voor te zijn.” Alsof dat wat je voelde niet nodig was, of niet klopte. Wanneer je als tiener het lef hebt te zeggen dat je ergens bang voor bent loop je het risico op veelal denigrerend commentaar. Uitlachen, wegwuiven, overschreeuwen of bagatelliseren zijn veelgebruikte methode’s van tieners om het niet over angst te hoeven hebben. Vaak een onbewuste reactie vanuit het gegeven dat het te dicht bij hun eigen angst komt. Helaas zijn deze gehanteerde strategieën ook door volwassenen volledig omarmd. Een van de redenen die in de campagne genoemd wordt waarom het spreken over angst zo’n taboe is, is het feit dat mensen zich niet serieus genomen voelen wanneer ze over hun angsten spreken. Iemand die uitspreekt dat hij bang is om zijn baan te verliezen krijgt vaak standaard als antwoord: “Joh, dat zal toch wel meevallen.” of “Dan vind je toch weer een andere baan.”. We gaan collectief in de oplossingen en verzachtingsmodus waardoor de angst die iemand benoemt genegeerd wordt. Dit allemaal met ongetwijfeld de beste bedoelingen. We zijn ons alleen niet bewust van het effect op de ander die zich juist kwetsbaar opstelde door toe te geven dat hij ergens bang voor was. Andere redenen die genoemd worden bij de lancering van de campagne zijn het niet willen belasten van anderen, schaamte, het niet vinden dat het erg genoeg is en de overtuiging het wel alleen op te kunnen lossen. Vanuit mijn werk met mensen kan ik beamen dat ik deze redenen om niet te spreken veelvuldig te horen krijg. 

Uit het onderzoek blijkt dat er nog een andere angst is. “Mensen die constateren dat een ander last heeft van angsten, durven dat vaak niet aan de orde te stellen. Ruim 40 procent van de mensen houdt bewust zijn mond. Meer dan de helft twijfelt om het ter sprake te brengen, uit angst dat iemand dat als onprettig zal ervaren.”

Hier is sprake van angst voor de angst. En dat is misschien wel de gevaarlijkste vorm van angst die er is. Door ons te laten bevangen in de angst voor de angst raken we bevangen. Bijna de helft van de ondervraagden blijkt bewust niets te vragen of te zeggen tegen degene waarvan ze voelen dat hij of zij bang is. We zijn bang om te spreken over de angst van de ander. En we zijn bang om te spreken over onze eigen angst. En zo zitten we in een oneindige angst-cirkel. We spreken niet over onszelf, niet tegen de ander, we vragen niets aan de ander én we vragen geen hulp voor onszelf.

Ik geloof dat iedereen bang is en dat iedereen die beweert niet bang te zijn zich niet bewust is van zijn eigen angst. Hoe klein of groot ook. Angst hoort bij ons leven en heeft een belangrijke functie. Er is niets mis met bang zijn. We krijgen vaak pas echt last van angst wanneer het er niet mag zijn. Het kan dan onderhuids groeien en proporties aannemen die niet in verhouding staan tot wat er gaande is. In de wereld waarin wij hier leven is het de angst voor de angst die ons het meest parten speelt. Het heeft mij jaren gekost om te erkennen dat ik heel bang ben. Wanneer ik het nu deel met mensen buiten mijn intiemste kring krijg ik met name ongelovige reacties want: “Jij bent toch zo stoer, sterk, dapper, etc.”. Als ik niet oppas stap ik dan al snel in mijn oude patroon van me niet serieus genomen voelen en besluit ik om het verder alleen te gaan doen. Het is heel kwetsbaar om mijn eigen angst te omarmen. De schrik of het ongeloof van een ander over mijn angst kan ik er dan niet bij hebben. En dat is iets waar zovelen van ons mee te maken hebben. Het uitspreken van alleen al de ogenschijnlijk simpele zin: “Ik ben bang.” kan een hele opgave zijn. Ik doe mee aan deze campagne door me de komende tijd meer bewust te zijn van hoe ik reageer op iemand die tegen mij spreekt over angst. Door eerst eens wat vragen te stellen of wat langer te luisteren in plaats van de route te kiezen van oplossen en bedekken. En ik spreek de komende tijd meer over de dingen waar ik zelf bang voor ben. Ook met mensen buiten mijn intiemste kring. Laten we de angst-cirkel stoppen! Doe je mee?


5 reacties

Josef · 11 april 2019 op 12:18

Ja ik doe mee!! Ik en iedereen is bang, vaak, voor veel dingen, en durfen het niet aan om het uit te spreken of te beseffen… Mooi artikel Ir!

Arjan Wester · 8 april 2019 op 16:59

Ik doe mee

Mayke · 3 april 2019 op 11:52

Wauw Irma! Dit stuk over angst raakt me echt. Ik herken wat jij schrijft over dat veel mensen niet eens weten dat ze die angst hebben. Ik was zelf ook zo 😉 Haha! Ik ben nog steeds bang, dat is niet zomaar weg. Maar gelukkig weet ik het nu. Daardoor is het juist veel minder geworden. Wat goed van je dat je dit initiatief neemt. Ik doe mee!

Ellen · 2 april 2019 op 17:11

Ik doe mee!

Anna Maria · 2 april 2019 op 14:21

Ik vind het stuk over de angst moedig en bevrijdend.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.